Time will tell | Multi-tijdlijnen: boeiend of bagger?

onder Boekanalyses met 3 reacties op 12 januari 2017

Het is een tijdje een soort trend geweest in boekenland: verhaallijnen met meerdere tijdlijnen, vaak eentje in het verleden én in het heden – of, bij een historische roman, twee in het verleden. Sinds Tatiana de Rosnay het deed met Haar naam was Sarah, zijn meer auteurs het gaan doen. Maar waarom eigenlijk? Wat is er zo bijzonder aan? En is het fijn om te lezen of juist niet?

Het doel van multi-tijdlijnen

Vaak hebben boeken met twee tijdlijnen iets aantrekkelijks. Als je niet zo’n fan bent van het historische genre, maar het af en toe wel kunt waarderen, dan is het een mooie mix tussen een ‘’hedendaagse’’ en een historische roman. In veel gevallen is dat namelijk wat er gedaan wordt: er zijn twee plotten en twee hoofdpersonen. Als de auteur het goed doet, zijn die plotten en personages op een bepaalde manier met elkaar verbonden én komen ze vroeg of laat ook bij elkaar. Het wordt vaak gedaan om de impact van de geschiedenis op het heden te laten zien of om een verhaallijn meer diepte te geven.

Populaire voorbeelden

Jojo Moyes is een auteur die veel gebruik maakt van deze techniek: ze deed het bijvoorbeeld in De laatste liefdesbrief en Portret van een vrouw. Ik noemde net al Tatiana de Rosnay: zij paste het toe in Haar naam was Sarah. In al deze gevallen gaat het dan om een contrast tussen heden en verleden, maar het kan ook zijn dat er twee hedendaagse tijdlijnen zijn, bijvoorbeeld om aan te geven wat er een jaar of wat geleden is gebeurd. Ik kan niet heel veel andere voorbeelden noemen van boeken waarin het wordt gedaan, maar het zijn er verrassend veel: bij historische romans wordt er steeds vaker voor gekozen. In YA-boeken gebeurt het volgens mij niet zo vaak: misschien omdat de auteur dan vermoedt dat het te ingewikkeld wordt voor de doelgroep. Want dat brengt me meteen bij het volgende: hoe beïnvloedt dit dan de leeservaring?

Als het goed gebeurt…

Ik vind zelf dat meerdere tijdlijnen een verhaal heel wat extra diepte kunnen geven. Ik vind historische romans bijvoorbeeld tof, maar een hedendaagse roman met een tijdlijn in het verleden is soms net wat boeiender. Het wordt dan minder langdradig en meer gevarieerd, waardoor je minder moeite hebt om door het boek te gaan. Daarnaast vind ik de achterliggende bedoeling ervan vaak heel mooi. De terugwerking van de oorlog op het heden is bijvoorbeeld iets wat ik heel boeiend vind. Of een hedendaagse vrouw die haar kracht hervindt door een sterke vrouw uit het verleden, dat spreekt me aan. Het maakt het boek dan net even wat diepgaander, krachtiger, beter uitgewerkt.

Maar als het niet goed gebeurt…

Uiteraard kan het ook een andere kant op gaan. Als iemand die zelf ook graag schrijft en wel eens heeft geëxperimenteerd met een heden-verleden-tijdlijn, weet ik dat het een best wel ambitieuze techniek is en dat sommige schrijvers er misschien te gemakkelijk over denken. Want soms gaat het dus niet goed, en dan is het allesbehalve bevorderlijk voor de leeservaring. Als het te verwarrend is en je niet snapt wat er gebeurt en wat het doel daarvan is. Of als de twee hoofdpersonen in de respectievelijke tijdlijnen niet echt met elkaar verbonden zijn. Als de verhaallijnen niet mooi bij elkaar komen of als er losse eindjes overblijven. Als de verbintenis een beetje té sterk is, zodat het meer op iets paranormaals gaat lijken. Als het te veel is, te veel personages en gebeurtenissen. Dan wordt het een beetje een potje en dat is heel jammer.

Is het dan aan te raden of niet?

Ik denk dat het ook iets is waar je echt van moet houden om het te kunnen waarderen, want het kán verwarrend zijn en het kán vertragend werken. Als het goed gebeurt, kan het heel mooi zijn voor het boek – maar helaas ben ik nog niet veel boeken tegengekomen waarin dat echt het geval is. Ik zou zeggen, probeer het uit en wie weet bevalt het je wel!

Lees jij graag boeken met meerdere tijdlijnen?


Gerelateerde berichten:


Reacties