Mijn probleem met Nederlandse auteurs

onder Boekwetenschap met 20 reacties op 6 januari 2017

Een poosje geleden las ik De zee zien van Koos Meinderts, een dun boekje met korte hoofdstukken over de vriendschap tussen twee jongens in de jaren vijftig. Ik las het snel uit, met de gedachte dat ik er een recensie over wilde schrijven – maar die is er niet gekomen. Want eigenlijk liet het boek me met een flinke leegte achter. Het had me zó weinig gedaan, zó weinig bij mij teweeg gebracht. Het deed me denken aan een aantal andere boeken van Nederlandse auteurs, boeken waar ik over het algemeen ook niet enthousiast over was. En ik denk dat ik de oorzaak van het probleem nu heb gevonden. Het probleem dat ik heb met Nederlandse auteurs.

Uitzonderingen

Het is niet zo dat ik per definitie álle oorspronkelijk Nederlandstalige boeken niks vind. Zo hou ik van het werk van Stefan Brijs, behoort Simone van der Vlugt tot mijn favorieten en kan ik je zo een rijtje Nederlandse YA-auteurs geven die ik tof vind. De boeken van Connie Palmen vind ik mooi en ik heb Arnon Grunberg aandachtig genoeg gelezen om te weten dat sommige Nederlandse auteurs een verdraaid briljante geest hebben. Maar zij zijn wel een beetje de uitzondering op de regel, lijkt het.

Te veel op literatuur gefocust

Maar ik heb inmiddels ook een aantal boeken gelezen van auteurs als Tommy Wieringa (Joe Speedboot, Dit zijn de namen) en Adriaan van Dis (Ik kom terug) en ik heb echt moeite met die boeken. Niet omdat ze slecht zijn, absoluut niet. Maar omdat ze zo váág zijn. Zo móeilijk. Elke keer als ik zo’n boek uit heb, denk ik ‘’oké, wat heb ik nu eigenlijk gelezen?’’ Het is alsof de schrijvers per se literatuur willen schrijven en vinden dat literatuur vooral zo moeilijk en ingewikkeld mogelijk moet zijn. Met veel symboliek en zwaarmoedigheid.

Deprimerend

Die zwaarmoedigheid is ook zo’n ding. Als je kijkt naar interviews op tv of in tijdschriften, wordt er door heel veel auteurs gezegd dat het schrijven een soort lijdensweg is, zwaar en pijnlijk en deprimerend. En dat zie je terug in hun boeken: de verhalen zijn zo somber, zo zwartgallig, zo zwaar… er zit nauwelijks tot geen humor in en alles lijkt een diepere laag te moeten hebben. Het wordt heel goed duidelijk dat de schrijver geen plezier heeft beleefd aan het schrijven en daardoor heb ik het gevoel dat ik er ook geen plezier aan mag beleven. Alsof het boek een preek is, bijna. ‘’Goed opletten, want dit is uiterst belangrijk en uiterst serieus.’’ Zoiets?

Verschil met buitenlandse auteurs

Ik heb in de afgelopen jaren ontdekt dat dit misschien gewoon een beetje typerend is voor de Nederlandse schrijfstijl. Elk land heeft natuurlijk zijn eigen literaire cultuur, en daar houden schrijvers zich bewust dan wel onbewust mee bezig. Spaanse schrijvers bijvoorbeeld, zoals Zafón en Vasquez, hebben een soort romantiserende en toch aangrijpende schrijfstijl. Ik heb nooit een Scandinavische thriller gelezen, maar ik stel me zo voor dat die ook iets unieks hebben. In Amerika zijn er tal van (sub)culturen en dus tal van schrijfstijlen, net als in Groot-Brittannië. En het is geen geheim dat wij maar een klein landje zijn, met een kleine literaire cultuur. Wij moeten zien op te boksen tegen de grote namen van overzee. Dat is niet niks.

Sober

Misschien is dat het gewoon, heeft de Nederlandse literatuur iets sobers. De auteurs die echt literair willen schrijven, vinden dat dat heel complex en abstract en ingewikkeld moet, en tja… dat kan. Maar het is niet echt aan mij besteed. Misschien komt dat doordat ik al heel veel YA en vertaalde boeken gewend ben, of misschien komt het doordat mijn opvatting over literatuur gewoon anders is. Want van mij mag het best een beetje luchtig en fris zijn, in plaats van sober en stoffig. Het kan ook zijn dat ik wat meer afstand moet nemen van de grote namen en het moet proberen met de nieuwere literaire titels. Maar ik ben een beetje bang geworden voor alles wat ‘’Nederlandse literatuur’’ ademt. Heel jammer. Maar gelukkig zijn er uitzonderingen. Gelukkig zijn er ook tal van vertaalde titels die wat mij betreft literaire hoogstandjes zijn. En gelukkig kan ik ook altijd zo’n Nederlandse literaire titel proberen.

Lees jij graag Nederlandse literatuur?


Gerelateerde berichten:


Reacties

  • Snap wat je bedoelt! Van die auteurs zien hun boeken bijna als een statussymbool van hun diepzinnigheid, maar geeuw, wie zit daar op te wachten? Voor mij is schrijven alleszins echt geen lijdensweg 😀 Soms een beetje zoeken en vloeken, sure, maar nog altijd 100x mooier en waardevoller voor mij dan eender welke andere activiteit. Hopelijk stralen mijn boeken dat dan ook een beetje uit!

    • Maar dat is ook precies wat ik bedoel: bij veel boeken merk je gewoon dat de auteur het leuk vond om het boek te schrijven en dat is toch veel fijner dan zo’n deprimerend boek? 😀

  • De Zee Zien heeft mij tot tranen toe geroerd en hardop laten schaterlachen – zo zie je maar weer hoe smaken kunnen verschillen. Ik lees eigenlijk niet heel graag YA van Nederlandse bodem, stiekem vind ik dat vaak wat kinderlijk aanvoelen. Literatuur lees ik dan weer heel erg graag en ik ben er van overtuigd dat echt niet alle Nederlandse literatuur somber of deprimerend is.

  • Ik vond De zee zien echt geweldig mooi, maar dat even terzijde 🙂 Ik begrijp wat je bedoelt met boeken die zwaarmoedig en moeilijk zijn, maar ik ben er van overtuigd dat het meer een kwestie van genre dan van origine is. Ik merk dat ik vooral moeite heb met boeken die als “literatuur” bestempeld worden. Het zoeken naar diepere lagen, het serieuze, dat hoeft voor mij ook niet zo.
    Tegelijk zijn er zoveel Vlaamse en Nederlandse auteurs die luchtige, frisse boeken schrijven. Net zoals er massa’s Engelse boeken zijn die ook somber en zwaar zijn.

    • Ik heb vaak ook het gevoel dat auteurs, uitgevers etc willen bepalen wat literatuur is of wat wij literatuur moeten vinden, terwijl dat in mijn ogen iets is waar je je eigen definitie aan moet en kunt geven.

  • Arthur Japin, Renate Dorrestein zomaar even twee namen van Nederlandse auteurs met boeken waar ik erg blij van word.

  • Nu je het zo uitlegt denk ik wel dat ik hetzelfde probleem heb.

  • Eigenlijk zou ik wel heel benieuwd zijn naar wat je van As in tas van Jelle Brandt Corstius vindt, dat vond ik lekker weglezen, grappig, maar met ook een serieuze kant, maar absoluut niet zwaar (in mijn ogen). Ook Ronald Giphart schrijft totaal niet zwaar, maar met veel humor en speelt op een originele manier met taal, dus ook zijn boeken zou ik je zeker aanraden (Harem is mijn favoriet van hem, al is dat boek wel weer wat serieuzer en anders Phileine zegt sorry). En een boek dat bijvoorbeeld over de tijdschriftenwereld gaat zou ik ook niet als jouw omschrijving van Nederlandse literatuur zien, Henry! van Thomas van Aalten.
    Overigens denk ik wel dat je een punt hebt dat er misschien een groot deel Nederlandse boeken is dat zwaar is (persoonlijk houd ik daar dan wel weer van), maar er is denk ik ook genoeg buiten die literatuur te vinden (het is misschien alleen de literatuur die minder in besproken wordt).
    Overigens vraag ik me nog wel wat af. Je noemt bijvoorbeeld bij buitenlandse auteurs de Scandinavische thrillers, maar je noemt in je Nederlandse boeken geen Nederlandse thrillers op, dus ik vraag me af of je dat wel kan vergelijken. En dan bedoel ik dus met name dat ik denk dat het twee dusdanig verschillende genres zijn (waarmee ik niet bedoel te zeggen dat thrillers minder zijn dan literatuur, maar wel anders), want volgens mij zit in Nederlandse literatuur en Nederlandse thrillers ook een groot verschil (zo lezen thrillers naar mijn idee vaak veel vlotter, maar vallen de verhaallijnen mij in tegenstelling tot gewone literatuur dan weer tegen) en lijkt het me dat dit ook zal gelden voor Scandinavische thrillers en gewone Scandinavische literatuur en denk ik dat dit dus niet afhankelijk is van het land, maar dus van het genre.
    En even voor de zekerheid, ik bedoel dit absoluut niet aanvallend of zo, het viel me gewoon op, ik hoor graag wat je vindt 🙂

    • Je hebt zeker een punt: ik lees weinig thrillers, maar ik heb wel wat Nederlandse (literaire) thrillers gelezen en daar ben ik niet echt enthousiast over: ik stel me zo voor dat Scandinavische thrillers meer kwaliteit hebben, maar dat is ook meer een aanname op voorhand en dus inderdaad niet echt op feiten gebaseerd 🙂

  • Ik ben dol op Nederlandse literatuur 🙂 Voor mijn blog lees ik ook grotendeels Nederlandse en Vlaamse schrijvers. Niet alleen literatuur, vrijwel allerlei genres. Ik denk zelf dat het erg veel scheelt welke auteurs je leest. Hanna Bervoets bijvoorbeeld, is net zo oud als ik, dus veel herkenning in haar boeken. Maar ook grote namen als Jan Wolkers kan ik waarderen. De donkere humor, de melancholie, de ingetogenheid etc. het zijn aspecten waar ik van hou.

    Maar… ik geef toe, dat is niet altijd zo geweest, toen ik een jaar of twintig was (nu klink ik oud, maar ben nog maar 32 hoor 😉 ) was ik ook huiverig voor de literatuurkast in de boekhandel. Liever pakte ik romans en lichte spanning. Ik las vrijwel alleen Amerikaanse auteurs. Naarmate ik wat ouder werd herlas ik Turks Fruit van Jan Wolkers, ineens las ik tussen al die regels over seks, ook een ingetogen en rauw verhaal over liefde, spijt, venijn en afscheid. Ik vond het een openbaring dat ik er ineens zoveel uit kon halen en het maakte mij enthousiaster om meer Nederlandse literatuur te gaan lezen.

    Er zijn heel veel Nederlandse auteurs, daartussen zitten ook auteurs die gelukkig ook sprankelend en blij kunnen schrijven 🙂 Misschien moet het ook maar net je ding zijn, maar ik hoop een klein beetje dat je de moed niet opgeeft 🙂

    • Ik geef het zeker niet op hoor, van Hanna Bervoets heb ik bijvoorbeeld Lieve Céline gelezen en die vond ik prachtig. Er zitten zeker auteurs en boeken tussen waar ik wel blij van word, maar ze zijn moeilijk te vinden jammer genoeg.

  • Na het lezen van een artikel over de boeken van Herman Koch is het mij duidelijk geworden: ik lees graag ‘plot driven’ romans. En toen begreep ik ook waarom ik Nederlandse literatuur zo vaak vind tegenvallen: ik wil graag iets ontdekken. Dat je denkt:o, zo zat het dus. Het hoeft heus niet altijd de plot van een misdaadverhaal te zijn, het kan ook een geheim zijn dat ontrafeld wordt of een gebeurtenis in iemands leven.
    Het is ook vaak de klacht van mijn leerlingen: er gebeurt niets in het boek, het is saai.
    Daarnaast moet er iemand in het boek zijn die ik begrijp, van wie ik het gedrag en de gedachten logisch vind. Een boek met alleen maar vreemde hoofdpersonen, die in mijn ogen gekke dingen doen ( bijv seks hebben met een beeld, zoals in ‘Kort Amerikaans’ van Jan Wolkers) leg ik weg.
    Ik las als kind alles wat los en vast zat, na de middelbare school heb ik jarenlang geen boek meer gelezen, dankzij de Nederlandse literatuur van eind jaren 70. Ik ben blij dat ik nu mag lezen wat ik wil. Ik zorg dat mijn leerlingen genoeg te kiezen hebben.

  • Wauw ik kan me zó goed vinden in je verhaal! Ik ben gek op literatuur, maar dan met name Engelse literatuur. De Nederlandse literatuur vind ik altijd zo deprimerend. Daar moet ik wel bij zeggen dat sommige Nederlandse boeken die ik heb gelezen wel een enorme indruk hebben achtergelaten. Daar horen ‘Een schitterend gebrek’ en ‘De Donkere Kamer van Damokles’ zeker bij. Maar ‘De Onderwaterzwemmer’ die ik afgelopen jaar las vond ik dan weer helemaal niks. Zó deprimerend en het hoofdpersonage was zo pessimistisch dat ik hem het hele boek door voor zijn hoofd wilde slaan, haha.

    • Deprimerend en pessimistisch, dat klopt inderdaad wel met mijn verhaal haha. Al vond ik beide boeken die je noemt, van Japin en Hermans, ook heel goed! Er zijn dus absoluut uitzonderingen 🙂

  • Een van mijn favoriete boeken is Nederlandstalig (Paaz van Myrthe van der Meer) en haar schrijfstijl vind ik ook echt geweldig, nu moet ik ook direct erbij zeggen dat dat totaal geen literatuur is haha. Wel een dikke aanrader.

  • Ik denk dat de verhoudingen tussen hoogdravende ‘literatuur’ en luchtige en YA-boeken die wordt geschreven overzee niet per se verschillen van die in Nederland. Echter, de eerste zal altijd een kleiner publiek trekken en is daarom minder interessant om op de Nederlandse markt te zetten dan een nog een dystopische YA-roman die toch wel bakken lezers trekt. En zoals je zegt, het Engelse taalgebied is zo veel groter dan het Nederlandse, dat ik mij kan voorstellen dat het lijkt alsof er verhoudingsgewijs meer toegankelijke fictie wordt geschreven, omdat dat is wat je hier in Nederland in de boekenwinkels terugvindt.